Jouw rollen

Content zoeken

jouw rollen

Wat kan een personal trainer?

Laten we nu dieper ingaan op ons vak: personal training. Wat leer je tijdens deze opleiding om daadwerkelijk impact te kunnen hebben? En welke verschillende rollen vervul je als personal trainer?

Het stereotype beeld van de trainer die herhalingen telt en min of meer dezelfde training biedt aan alle cliënten, is helaas vaak waar, althans, tot op dit moment (bij de tijd van schrijven in oktober 2023). Wij streven naar verandering van dit stereotype. Een personal trainer beperkt zich niet alleen tot het schrijven van programma’s, maar verzorgt ook de trainingen zoals beschreven in die programma’s. Indien nodig past de trainer het programma aan. Bovendien motiveert de personal trainer de cliënt om zijn doelen te bereiken, zowel in de sportschool als in zijn levensstijl. Kortom, een personal trainer vervult meerdere rollen: die van de professor, de trainer, en de motivator.

1. de professor

Het menselijk lichaam is een fantastische machine. Sterker nog, het noemen van het lichaam als een ‘machine’ doet afbreuk aan zijn complexiteit, aangezien er nog geen machine is ontwikkeld die kan evenaren wat wij kunnen.

Alles in ons lichaam wordt gecontroleerd door het zenuwstelsel, waarbij het brein als het belangrijkste orgaan fungeert. We kunnen het lichaam laten groeien door de stimulatie van spiergroei en het sterker maken door in te spelen op onze neurologie. Door de energiesystemen te trainen, vergroten we onze dagelijkse energie en verminderen we vet, wat de kans op gezonder ouder worden aanzienlijk vergroot. Dit klinkt heel anders dan simpelweg ‘vermoeid raken’.

Tijdens deze opleiding leer je hoe deze systemen functioneren. Je krijgt principes uit de anatomie, fysiologie, psychologie en biomechanica aangereikt. Als personal trainer moet je in staat zijn om op basis van deze principes een programma te ontwikkelen dat de doelen van de cliënt kan verwezenlijken. Hierbij stem je drie factoren op elkaar af: de belastbaarheid van de cliënt, de benodigde belasting om het doel te bereiken, en de praktische haalbaarheid, zowel op korte als lange termijn. De eerste pijler van een succesvolle trainer is het theoretische fundament. In de rol van professor vorm je een theoretisch fundament waarop je weloverwogen keuzes kunt baseren.

2. de trainer

Een professor heeft beperkingen. Het vertalen van theorie naar praktijk vereist actie, wat betekent dat je keuzes moet maken op basis van de beschikbare praktische middelen. Dit is een grijs gebied wat de professor moeilijk vindt. Hier is waar de trainer, die praktischer is, in beeld komt. Mits er een duidelijk raamwerk is, kan de trainer de training perfect tot leven brengen.


De trainer is een expert in zijn vakgebied, iemand die beweging ademt. Als trainer zet je mensen daadwerkelijk in beweging. In je rol als trainer leer je bij ons denken in termen van beweging. Dit vormt de basis voor coaching op bewegingskwaliteit en het sturen op trainen met de juiste intentie. Je past moeiteloos kleine aanpassingen toe om het maximale uit de training te halen, zonder van het trainingsdoel af te wijken. Je leert over de Milo coachingsmethode en we bieden je een effectieve coachingsstructuur: de coachingslus. Met deze kennis weet je precies wat je uit een oefening wilt halen en hoe je de uitvoering observeert. Zo verzamel je informatie waarmee je kunt sturen op kwaliteit of intentie.


Als trainer begrijp je het grotere geheel. Je leert hoe je het meeste uit een trainingssessie kunt halen, of je nu één-op-één werkt of met een groep. Met de kennis van de professor leer je richtlijnen te volgen voor het uitvoeren van oefeningen die gericht zijn op het verbeteren van de energiesystemen, het maximaliseren van de spiergroei of kracht. Deze kennis gebruik je tijdens de coaching of bij het programmeren voor je cliënt of groep, om korte of lange termijn doelen te behalen.

3. de motivator

De motivator is iemand die de mens achter de cliënt ziet. Deze persoon kijkt verder dan de cijfers in het trainingsprogramma of de uitvoering van een oefening. Tijdens de opleiding leer je over gedragsverandering en psychologie: hoe mensen leren, hoe ze hun gedrag veranderen, en welke methoden je kunt inzetten om hen te ondersteunen in deze overgang.


De motivator heeft een scherp oog voor deze zaken. Deze persoon spreekt bemoedigende woorden wanneer de cliënt een dip heeft, of spreekt streng tot de groep als de dynamiek de verkeerde kant op gaat. De motivator verbindt psychologie en fysiologie. Daarom leer je ook over de interactie tussen deze twee in relatie tot stressmanagement, voeding en levensstijl.


In de praktijk komt de motivator op twee manieren tot uiting. Enerzijds door op het juiste moment de juiste vragen te stellen. Anderzijds door in de programmering specifieke leefstijlinterventies op te nemen, waardoor de cliënt met meer intentie en consistentie traint. Door voedings- en leefstijlinterventies aan het trainingsprogramma toe te voegen, halen we meer uit het hele traject, iets wat voor de motivator vanzelfsprekend is.

De winnende driehoek

De trainer en de motivator hebben gemeen dat ze van mensen houden. Ze willen graag een grote impact maken op het leven van hun cliënten. De professor kan soms echter te veel opgaan in technische details en het menselijke aspect uit het oog verliezen. Maar die professor is wel het fundament voor de beslissingen die de trainer en motivator maken.


De professor, trainer en motivator hebben elkaar nodig om daadwerkelijk impact te maken op het leven van hun cliënten. Ze moeten continu samenwerken om zowel op theoretisch als fysiek vlak een trainingservaring te creëren die op korte en lange termijn effectief is.

De rollen binnen het trainingsproces
Kenmerk
Professor
Trainer
Motivator
Benadering
Theoretisch en wetenschappelijk, gericht op het begrijpen van systemen en principes.
Praktisch en gericht op vertaling van theorie naar actie, focust op beweging en trainingskwaliteit.
Psychologisch en persoonlijk, kijkt voorbij de fysieke aspecten, richt zich op gedragsverandering en emotionele ondersteuning.
Expertise
Anatomie, fysiologie, psychologie, biomechanica; creëert theoretische basis voor besluitvorming.
Beweging, coachingsmethoden, bewegingskwaliteit, aanpassingsvermogen in training zonder doel en intentie te verliezen.
Gedragsverandering, psychologie, stressmanagement, verbinding tussen fysiologie en psychologie, integratie van levensstijl in training.
Focus
Analytisch begrip van systemen en hun functioneren.
Uitvoering van training, maximalisatie van resultaten zonder af te wijken van doelen.
Mens achter de cliënt zien, emotionele ondersteuning, gedragsverandering en aanpassing, motivatie en groepsdynamiek.

Dit overzicht geeft een duidelijk beeld van hoe elk individu een belangrijke rol speelt binnen het trainingsproces, waarbij hun specialiteiten en benaderingen complementair zijn om een holistische trainingservaring te bieden.

De rollen in de praktijk
Elke cliënt als atleet

In deze driehoeksverhouding van professor, trainer en motivator streven we ernaar om van elke cliënt een atleet te maken, ongeacht hun huidige niveau. Maar wat maakt iemand eigenlijk tot een atleet? Volgens onze visie is een atleet iemand die doelen stelt en zich autonoom voelt bij het bereiken ervan, ongeacht het niveau van deze doelen. We willen dat onze atleten het gevoel hebben dat ze controle hebben over het resultaat van hun proces. Dit is een krachtige ervaring die veel verder reikt dan alleen de trainingssessies.


Bovendien is het ervaren van zelfeffectiviteit een krachtige interne motivator. Zoals Albert Bandura, de grondlegger van de zelfeffectiviteitstheorie, het definieert: “Zelfeffectiviteit is het vertrouwen van een persoon in zijn of haar eigen bekwaamheid om succesvol invloed uit te oefenen op de omgeving door het uitvoeren van een bepaalde taak of het oplossen van een probleem.”


Als personal trainer beheers je dus deze drie rollen. Je kunt cliënten trainen en coachen, zodat hun zelfeffectiviteit vergroot wordt en zij hun doelen kunnen overstijgen.