Gezondheid is een complex onderwerp dat meer omvat dan alleen de afwezigheid van ziekte. Voor voedingscoaches is het essentieel om te begrijpen wat gezondheid precies inhoudt en hoe we dit kunnen meten.
In dit hoofdstuk verkennen we de verschillende aspecten van gezondheid en de methoden om deze te kwantificeren. We onderzoeken niet alleen wat meetbaar is, maar ook welke factoren bepalend zijn voor iemands gezondheidstoestand en hoe we deze kennis kunnen toepassen in de praktijk.
Volgens de WHO is gezondheid een toestand van volledig lichamelijk, geestelijk en sociaal welzijn, niet slechts de afwezigheid van ziekte of zwakte. Het is het vermogen van een individu om zich aan te passen en regie te voeren over het eigen leven. Gezondheid werkt niet als een aan/uitknop tussen ‘gezond’ en ‘ongezond’. Het is een glijdende schaal waarop ontelbare factoren invloed hebben. Sommige factoren zijn bekend en beïnvloedbaar, zoals VO₂max — een van de sterkste indicatoren van fysieke gezondheid. Toch kan iemand onbekende genen hebben die de kans op kanker aanzienlijk vergroten. Het omgekeerde komt ook voor. Neem bijvoorbeeld Jeanne Calment, een Franse vrouw die 122 werd, op haar 100e nog fietste en zelfs tot haar 117e rookte(!). Ook uit een onderzoek onder ongeveer 500 honderdplussers bleek dat een groot deel rookte, weinig sportte en overgewicht had. Genen spelen een grote rol in fysieke gezondheid en daar hebben we geen invloed op. Naar schatting bepalen genen 20-30% van de levensduur (Herskind et al., 1996). Ook geestelijke gezondheid wordt beïnvloed door genen — depressie is bijvoorbeeld voor 40-50% erfelijk (Stanford Medicine, z.d.).
Net zoals iemand die Mr. Olympia wil worden het perfecte genenpakket nodig heeft, speelt erfelijkheid ook een grote rol bij gezondheid. De meesten zullen nooit Mr. Olympia worden, maar de trainingsprincipes blijven voor iedereen hetzelfde. Zo werkt het ook met gezondheid. Hoewel lichamelijke, geestelijke en sociale gezondheid grotendeels buiten onze controle liggen, en sommigen gezond blijven ondanks roken, drinken en niet sporten, geldt dit niet voor de meesten van ons. Gelukkig zijn er wel bewezen principes en voorspellers die de kans op gezondheid aanzienlijk vergroten als we ze volgen. Welke principes en voorspellers zijn dit? Wat kunnen we meten? De antwoorden op deze vragen bepalen waar een voedingscoach mee aan de slag kan.
Er zijn veel factoren onderzocht die de kans op gezondheid voorspellen. Hierbij is het essentieel om onderscheid te maken tussen correlatie (verband) en causatie (oorzaak). De meeste onderzoeken bestuderen grote groepen mensen en zoeken naar verbanden die leiden tot bepaalde uitkomsten. Neem bijvoorbeeld het verband tussen wijn drinken en gezondheid. Onderzoek toont aan dat mensen die één glas wijn per dag drinken, gezonder zijn.
Dit is een correlatie — twee dingen die tegelijk gebeuren — maar geen causatie, waarbij het ene het andere veroorzaakt. De mensen die één glas wijn drinken, zijn namelijk vaak mensen die in het algemeen meer met gezondheid bezig zijn. Ze zijn dus niet gezond dóór het glas wijn; gezonde mensen drinken vaak gewoon met mate. Een simpel voorbeeld van correlatie is de aanwezigheid van brandweerlieden bij branden. Er is een duidelijk verband (correlatie) tussen brandweerlieden en branden. Maar dit betekent natuurlijk niet dat brandweerlieden brand veroorzaken.
Bij het interpreteren van onderzoek moeten we kritisch kijken naar de resultaten. Is een uitkomst een correlatie? Wat zijn de onderliggende oorzaken? Neem gripkracht, een sterke voorspeller van gezondheid. Dit betekent niet dat gripkracht trainen je gezonder maakt, maar wel dat actieve, gezonde mensen vaak een sterke gripkracht hebben. Ook dit is een correlatie, geen causatie.
Gezondheid beweegt zich op een glijdende schaal. Het is niet simpelweg een kwestie van gezond of ongezond zijn — mensen zijn meer of minder gezond. De uitdaging hierbij is dat veel gezondheidsproblemen niet direct voelbaar of zichtbaar zijn. Zo ontdekken mensen vaak pas dat ze kanker of diabetes hebben bij een diagnose, terwijl deze aandoeningen zich al jaren in het lichaam hebben ontwikkeld.
Dit geldt ook voor ogenschijnlijk kleine problemen zoals slaaptekort. Mensen wennen aan een chronisch slaaptekort zonder het te merken, terwijl dit de kans op verschillende ziektes aanzienlijk verhoogt (Spiegel et al., 2009; Luyster et al., 2012). Sommige gezondheidsfactoren zijn wel direct merkbaar en meetbaar, zoals een klinisch tekort aan een micronutriënt.
Hoewel niet alle aspecten van gezondheid exact meetbaar zijn, kunnen we wel verschillende factoren in kaart brengen om gezondheidsrisico’s en -voordelen in te schatten. Met deze kennis kunnen we gerichte interventies toepassen die iemand op de glijdende schaal naar een betere gezondheid bewegen.
Als voedingscoach moet een test aan drie voorwaarden voldoen om factoren goed te kunnen meten.
Met deze drie voorwaarden – betrouwbaar, nauwkeurig en praktisch – in ons achterhoofd kijken we naar mogelijke testen om iemands plek op het gezondheidsspectrum te bepalen en progressie te meten. We maken hierbij onderscheid tussen verschillende meetmethodes die de kans op gezondheid voorspellen.
We bespreken per categorie enkele relevante voorbeelden voor de voedingscoach. Daarna selecteren we de methodes die het beste voldoen aan de drie voorwaarden: betrouwbaarheid, nauwkeurigheid en praktische toepasbaarheid.
Gezondheid is meer dan afwezigheid van ziekte
WHO: lichamelijk, geestelijk en sociaal welzijn
Gezondheid is een glijdende schaal
Gezondheid is niet simpelweg meetbaar als gezond/ongezond, maar een glijdende schaal
Test criteria: betrouwbaar, nauwkeurig en praktisch
5 soorten markers:
– Biomarkers (bijv. bloeddruk)
– Antropometrische markers (lichaamssamenstelling)
– Fitnessmarkers (bijv. VO₂max)
– Lifestylemarkers (gewoontes)
– Psychomarkers (vermogen tot verandering)