6.2.1 Portfolio-uitwerking praktijkexamen

Content zoeken

praktijkexamen
Inhoudsopgave

Portfolio-uitwerking praktijkexamen

Tijdens de opleiding heb je met meerdere cliënten gewerkt. Deze praktijkervaring vormt de basis voor het praktijkexamen. In je portfolio maak je per casus het volledige coachingstraject inzichtelijk – van kennismaking tot evaluatie.

Casusselectie

Tijdens de opleiding heb je minimaal vier cliënten begeleid:

  1. 1 cliënt gestart tijdens module 2, uiterlijk in week 8
  2. 2 cliënten gestart tijdens module 3, uiterlijk in week 10
  3. 1 cliënt gestart in module 4, uiterlijk in week 16

Dit betekent dat je cliënten hebt die:

  1. 16 weken onderweg zijn
  2. 14 weken onderweg zijn
  3. 8 weken onderweg zijn

Doel

Je toont aan dat je niet alleen de structuur, werkwijze en inhoud uit de opleiding begrijpt, maar ook kunt toepassen. We willen zien dat je:

  1. informatie zorgvuldig verzamelt
  2. prioriteiten herkent en vertaalt naar een plan
  3. kunt bijsturen op basis van voortgang
  4. cliëntgericht werkt met aandacht voor biologie, psychologie en praktische mogelijkheden

Inhoud per casus

Per cliënt lever je het volgende aan:

  1. Voorbereiding en notities van het kennismakingsgesprek
  2. Het ingevulde intakeformulier
  3. Jouw voorbereiding op het intakegesprek (analyse van intakeformulier)
  4. Jouw uitwerking van het Doelen-naar-Daden proces met onderbouwing van:
    – Biologische prioriteiten
    – Red flags
    – Laaghangend fruit
    – Niet-onderhandelbare aspecten
    – Hefbomen
    – Blokkades
  5. Voorbereiding en notities van de coachingsgesprekken
  6. Eventueel de voorbereiding en notities van het evaluatiegesprek

Lever je portfolio uiterlijk één week voor de examendatum aan via info@miloeducation.com. Let op: deze deadline is definitief. Als jouw examen bijvoorbeeld plaatsvindt op vrijdag 23 april om 13:00 uur, dan is de deadline vrijdag 16 april om 13:00 uur. Als je te laat bent, verlies je je examenkans.

Structuur voor uitwerking

Gebruik onderstaande structuur om je portfolio per casus uit te werken. De vragen helpen je reflecteren en onderbouwen. We willen niet alleen het ‘wat’, maar vooral het ‘waarom’ en ‘hoe’ horen.

Stap 1: Kennismakingsgesprek
  1. Hoe heb je jezelf en jouw rol als coach geïntroduceerd?
  2. Wat was het doel van het kennismakingsgesprek en is dat bereikt?
  3. Welke open vragen heb je gesteld en wat leverden die op?
  4. Welke non-verbale signalen heb je opgepikt?
  5. Waarin zag je motivatie of juist twijfel bij de cliënt?
  6. Heb je duidelijke afspraken gemaakt over het vervolg (intake, verwachtingen, inzet)?
Stap 2: Intakeformulier
  1. Wat viel je op in de antwoorden van de cliënt? Waren er opvallende thema’s?
  2. Zijn er red flags of medische bijzonderheden benoemd?
  3. Welke biologische prioriteiten zijn relevant gezien het doel van de cliënt?
  4. Welke patronen zie je in gedrag, gewoonten, dagindeling of stress?
  5. Wat is de motivatie en veranderbereidheid van de cliënt volgens jou?
Stap 3: Voorbereiding intakegesprek
  1. Welke informatie heb je eruit gehaald om gericht het intakegesprek in te gaan?
  2. Welke vragen had je voorbereid op basis van het formulier?
  3. Wat waren volgens jou het laaghangend fruit, de hefbomen en de blokkades?
  4. Welke elementen zag je als niet-onderhandelbaar voor succes?
  5. Waar hield je rekening mee qua toon, benadering en volgorde van onderwerpen?
Stap 4: Intakegesprek
  1. Hoe heb je verdieping aangebracht op basis van het formulier?
  2. Welke observaties deed je in houding, energie, taalgebruik?
  3. Welke doelen zijn samen concreet geformuleerd?
  4. Hoe heb je autonomie, motivatie en realiteitszin besproken?
  5. Wat waren belangrijke inzichten voor jou als coach?
  6. Welke psychologische factoren kwamen naar voren (motivatie, basisbehoeften, blokkades)?
Stap 5: Veranderplan
  1. Wat zijn de gekozen acties en waarom?
  2. Hoe sluiten die acties aan bij het doel en het type cliënt?
  3. Hoe zijn het laaghangend fruit, de hefbomen en blokkades meegenomen?
  4. Hoe heb je metaskills zoals flexibiliteit, zelfcompassie of herkadering ingezet in je aanpak?
  5. Welke vorm van meting of monitoring heb je gekozen en waarom?
  6. Hoe heb je de psychologische basisbehoeften ondersteund in je plan?
Stap 6: Coachingsgesprekken
  1. Hoe vaak en op welke manier heb je contact gehad?
  2. Welke voortgang zag je – en wat bleef achter?
  3. Welke metaskills heb je aangesproken tijdens tegenslagen, twijfel of terugval?
  4. Hoe heb je bijgestuurd? Wat paste je aan in het plan?
  5. Hoe heb je motivatie, eigenaarschap en zelfvertrouwen versterkt?
  6. Welke metaskills herkende je bij de cliënt, en hoe werkte je daarmee?
Stap 7: Evaluatie
  1. Hoe hebben jullie het traject geëvalueerd?
  2. Wat was het resultaat in gedrag, beleving en eventueel fysiek?
  3. Welke leerpunten heb je benoemd samen met de cliënt?
  4. Welke metaskills hebben de grootste rol gespeeld in het proces?
  5. Wat zou een logische vervolgstap zijn geweest?
  6. Wat neem je als coach mee uit deze casus naar je volgende traject?
Het is aan jou

De kwaliteit van je examen ligt in jouw handen. Hoe concreter, inzichtelijker en beter onderbouwd je werk is, des te beter kunnen wij jouw ontwikkeling en vakmanschap beoordelen. Laat zien dat je niet alleen denkt, maar ook plant én bijstuurt.

Tips voor de uitwerking

  1. Gebruik de vragen als leidraad, niet als invuloefening. Zie het als een manier om jouw verhaal helder, logisch en overtuigend op papier te zetten.
  2. Vertel méér als het relevant is. Heb je een afweging gemaakt die buiten de standaardstructuur valt? Laat het zien. Toon je denkproces.
  3. Werk chronologisch en consequent. Volg het coachingstraject per casus stap voor stap. Dat maakt het voor jou én voor ons overzichtelijk.
  4. Wees specifiek. Zeg niet alleen “ik gaf feedback”, maar: “ik gaf feedback op haar neiging om te snel te oordelen over falen, omdat…”
  5. Laat zien waar je keuzes op gebaseerd zijn. Verwijs gerust naar modellen, theorie of eerdere ervaringen.
  6. Gebruik voorbeelden. Kleine fragmenten uit gesprekken, observaties of reacties van je cliënt maken jouw werk tastbaar.
  7. Wees eerlijk. Niet alles hoeft perfect te zijn. Laat ook zien waar je hebt bijgestuurd, getwijfeld of geleerd — dat maakt je werk sterker.
  8. Wees zuinig met overbodige theorie. Je hoeft geen college te geven over SDT of ACT. Laat zien hoe je het hebt toegepast of herkend.
  9. Lees alles terug als geheel. Vraag jezelf af: zou ik als lezer begrijpen waarom ik deze keuzes heb gemaakt?
  10. Zorg dat je het gesprek voorbereidt. We gaan je tijdens het examen niet overhoren, maar we willen wél weten waarom je deed wat je deed. Goed zicht op je dossier helpt je om daar krachtig over te spreken.